Schriftelijke vragen "Jheronimus Bosch Art Center"
Geacht College,
Op 6 juni heeft u schriftelijke vragen beantwoord over het Jheronimus Bosch Art Center (JBAC). Naar aanleiding hiervan heeft de D66-fractie nog een aantal aanvullende vragen.
vraag 1. Volgens artikel 1.4 uit de overeenkomst ter realisering van het JBAC, is de gemeente betrokken geweest bij de huurovereenkomst annex samenwerkingsovereenkomst tussen Monument Sint Jacob BV en Stichting Jheronimus Boschcentrum. Waaruit bestaat deze betrokkenheid? Kan het college het huurcontract ter inzage leggen?
vraag 2. Volgens artikel 2.1 lid c van bovenstaande overeenkomst zijn doelen gesteld over het aantal bezoekers die het JBAC jaarlijks krijgt. In de stukken die ter inzage zijn gelegd in de leeszaal van het bestuurscentrum zijn, voor bezoekersaantallen, alleen accountantsverklaringen voor 2009 en 2010 terug te vinden. Klopt het dat de accountantsverklaringen voor de overige jaren ontbreken en wat is hiervan de reden?
vraag 3. Op de leeszaal van het bestuurscentrum liggen weliswaar jaarverslagen, maar deze bevatten geen jaarrekeningen. Deze jaarrekeningen zijn nodig om te toetsen of JBAC voldoet aan de voorwaarden van de lening cq. de jaarlijkse exploitatiesubsidie. Kunt u de jaarrekeningen alsnog overleggen of aangeven waarom u deze niet in uw bezit heeft?
vraag 4. In uw antwoorden schrijft u dat JBAC jaarlijks een geïndexeerde subsidie ontvangt die op dit moment 137.860 euro bedraagt. Zijn er, behalve het aantal bezoekers, meer voorwaarden waaraan moet worden voldaan om voor deze subsidie in aanmerking te komen? Waaruit bestaan deze en hoe worden ze getoetst? Zijn deze afspraken ook schriftelijk vastgelegd?
Met vriendelijke groeten,
Jan Smit
fractievoorzitter D66 's-Hertogenbosch
Antwoorden van het college
Geachte heer Smit,
In uw brief van 15 juni 2011 stelt u raadsvragen ex artikel 39 Reglement van Orde over het Jheronimus Bosch Art Center (JBAC). Vooraf willen we opmerken dat naar aanleiding van de verschillende publicaties en raadsvragen door ons indringend is gekeken naar dit dossier. Wij zijn daarbij tot de conclusie gekomen dat steeds gehandeld is en wordt binnen de letter en geest van destijds door de raad vastgestelde kaders en de daarop gebaseerde samenwerkingsafspraken. Dit geldt zowel voor het grote geheel als ook voor de details.Het besluit van de raad in 2005 om middelen beschikbaar te stellen voor de realisering van een Jeroen Bosch Art Centrum heeft naar ons oordeel geleid tot een verrijking van het cultuurhistorische aanbod in onze gemeente, dat zich op een brede belangstelling mag verheugen, zowel van Bosschenaren als ook van vele toeristen.
Wij constateren dat in de publicaties en raadsvragen soms onjuiste verbindingen worden gelegd. Monument St Jacob BV heeft destijds van het bisdom meerdere percelen aangekocht. Onderdeel daarvan was de kerk (kerkgebouw met toren en sacristie). Onze gemeente heeft met betrekking tot die kerk c.a. afspraken gemaakt met Monument St. Jacob BV (investering en jaarlijkse subsidie onder voorwaarden). Dat betekent dat zich ook tot dat onderdeel onze bemoeienis uitstrekt. Afspraken van de BV met het Bisdom in het kader van de koopovereenkomst vallen buiten onze verantwoordelijkheid. De gemeente is bij die koopovereenkomst geen partij geweest. Daarnaast is in een aantal gevallen sprake (geweest) van een publiekrechtelijke verhouding waar het gaat om de verlening van vergunningen. Die staan los van de samenwerkingsovereenkomst/subsidierelatie.
Op uw vragen kunnen wij u het volgende antwoorden:
Vraag 1. Volgens artikel 1.4 uit de overeenkomst ter realisering van het JBAC, is de gemeente betrokken geweest bij de huurovereenkomst annex samenwerkingsovereenkomst tussen Monument Sint Jacob BV en Stichting Jheronimus Boschcentrum. Waaruit bestaat deze betrokkenheid? Kan het college het huurcontract ter inzage leggen?
Antwoord: De gemeente is betrokken bij de voorwaarden die middels de huurovereenkomst van de BV aan de Stichting geregeld moesten worden. Daarom is in art. 1.3 van de samenwerkingsovereenkomst opgenomen: “Sint Jacob BV is jegens de gemeente verantwoordelijk voor het in standhouden en inrichten van de voormalige Sint Jacobskerk en de bijbehorende gebouwen conform het gestelde in artikel 1.1 en
overigens zodanig dat het kan voldoen aan de doelstellingen gesteld in overweging 1 en in de artikelen 2.1 en 2.2. Daartoe is Sint Jacob jegens de gemeente eveneens verantwoordelijk voor het zodanig faciliteren van de Stichting dat deze laatste in staat is het JBC zoals door de gemeente beoogd en conform de evengenoemde doelstellingen te exploiteren.” De gemeente toetst daarom of de stichting aan haar subsidievoorwaarden kan voldoen en heeft daarvoor geen kopie van de huurovereenkomst nodig. Bovendien is daarom in art. 1.5. geregeld dat ook bij het beëindigen van activiteiten door de stichting, de BV verplicht is onder dezelfde condities een huurovereenkomst met een door de gemeente akkoord bevonden derde aan te gaan met dezelfde doelstellingen als de huidige stichting.
Vraag 2. Volgens artikel 2.1 lid c van bovenstaande overeenkomst zijn doelen gesteld over het aantal bezoekers die het JBAC jaarlijks krijgt. In de stukken die ter inzage zijn gelegd in de leeszaal van het bestuurscentrum zijn, voor bezoekersaantallen, alleen accountantsverklaringen voor 2009 en 2010 terug te vinden. Klopt het dat de accountantsverklaringen voor de overige jaren ontbreken en wat is hiervan de reden?
Antwoord: Er is geen accountantsverklaring over bezoekersaantallen voor het jaar 2006, omdat dit jaar aanloopjaar is en er volgens de overeenkomst geen eisen aan het bezoekersaantal worden gesteld. Bij de vaststelling van de subsidie 2007 werd geconstateerd dat er geen garantie bestond over het opgegeven bezoekersaantal. Naar aanleiding daarvan is voor 2008 en verdere jaren de eis gesteld dat hierover een accountantsverklaring nodig was. Het bleek niet mogelijk achteraf de eis voor een accountantsverklaring ten aanzien van bezoekersaantallen voor het jaar 2007 te stellen. Op uw eerder gedaan verzoek is de accountantsverklaring over 2008 ter inzage gelegd. Omdat deze
stukken blijkbaar nadien zijn verdwenen, leggen we de verklaring wederom ter inzage.
Vraag 3. Op de leeszaal van het bestuurscentrum liggen weliswaar jaarverslagen, maar deze bevatten geen jaarrekeningen. Deze jaarrekeningen zijn nodig om te toetsen of JBAC voldoet aan de
voorwaarden van de lening cq. de jaarlijkse exploitatiesubsidie. Kunt u de jaarrekeningen alsnog overleggen of aangeven waarom u deze niet in uw bezit heeft?
Antwoord: Aanvankelijk zijn er geen vragen gesteld over ter inzage legging van jaarrekeningen. Daarom zijn deze ook niet ter inzage gelegd. Alle jaarrekeningen zijn overigens in ons bezit. Voor de toets of het JBAC voldoet aan de subsidievoorwaarden en amortiseringsvoorwaarden zijn overigens de jaarrekeningen ook niet nodig. In het raadsbesluit van 2005 is dit als volgt verwoord: “Wij hebben ons op het standpunt gesteld dat we ons niet in detail met de bedrijfsvoering en organisatie van de activiteiten willen bemoeien. We hebben daarom in overleg met de stichting een aantal heldere outputcriteria geformuleerd. We stellen dus voor een subsidietoekenning te doen met voorwaarden op productniveau (activiteiten) en op effectniveau (bezoekers).” De toetsingscriteria zijn het aantal bezoekers en de samenwerkingsverbanden.
Vraag 4. In uw antwoorden schrijft u dat JBAC jaarlijks een geïndexeerde subsidie ontvangt die op dit moment 137.860 euro bedraagt. Zijn er, behalve het aantal bezoekers, meer voorwaarden
waaraan moet worden voldaan om voor deze subsidie in aanmerking te komen? Waaruit bestaan deze en hoe worden ze getoetst? Zijn deze afspraken ook schriftelijk vastgelegd?
Antwoord: Ja, de tweede voorwaarde betreft het streven naar samenwerkingsverbanden met organisaties in ’s-Hertogenbosch, zoals verwoord in art. 2.1.b. Deze worden getoetst op basis van het
jaarverslag van de stichting JBAC.
Wij hopen u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.
Hoogachtend,
Burgemeester en wethouders van ’s-Hertogenbosch,
De secretaris, De burgemeester,
mr. drs. I.A.M. Woestenberg mr. dr. A.G.J.M. Rombouts



word lid